Ga verder naar de inhoud

Kan je jezelf eens voorstellen? Wie ben je, wat doe je etc.     
Ik ben Veerle, 26 jaar, woon samen met Joris, mijn vriend sinds negen jaar. Ik heb een zus van 15 en die woont bij de zus van mijn mama, mijn meter. Tijdens de week is mijn meter haar pleegouder, en in de weekends ben ik dat. Dan is er nog mijn mama, die woont alleen. Mijn vader woont bij mijn stiefmoeder.

Kan je wat vertellen over de ingrijpende levensgebeurtenissen die je hebt meegemaakt?           
Op een bepaald moment heeft het CLB van mijn middelbare school het VK (Vertrouwenscentrum Kindermishandeling) ingelicht omdat mijn meter mijn school had gecontacteerd over onze thuissituatie. Het CLB had me op gesprek uitgenodigd en zij hadden na een of twee gesprekken gezegd dat ze het VK gingen bellen. Elke woensdagnamiddag moest ik daar dan op gesprek gaan. Mijn ouders werden na verloop van tijd ook op gesprekken gevraagd. Het eerste gesprek was met hen samen, daarna moesten ze aparte gesprekken doen.

Wat maakte dat je meter bezorgd was?       
Vooral het drinken van mijn mama. Vanaf de geboorte van mijn zus gebeurde het regelmatig dat mijn mama dronk. Mijn reflex was altijd ofwel mijn grootouders ofwel mijn meter inlichten omdat dat personen waren die mij altijd geloofd hebben. Zij kwamen dan spreken met mijn ouders. Op den duur merkte mijn meter dat de situatie niet veranderde. Mijn zus was heel klein en ik nam steeds meer verantwoordelijkheden op voor haar, zoals van school halen omdat mijn ouders dat vergaten. Ook eten maken voor haar, in bed stoppen, in bad stoppen… In combinatie met mijn schoolwerk vond mijn meter dit onhoudbaar. Ze heeft toen naar school gebeld om de situatie toe te lichten en te vragen om via CLB met mij te praten en te bekijken wat er gedaan kan worden. Inhoudelijk weet ik niet meer veel van die gesprekken, buiten dat we samen op luidspreker naar het VK gebeld hebben. Ik heb maar een of twee keer met het CLB gesproken, dan hebben ze dit meteen overgelaten aan het VK.

Hoe voelde het om naar het CLB geroepen te worden en over heel persoonlijke situaties te spreken?
Ik kan me zeker niet herinneren dat ik dat moeilijk vond. Ik denk dat ik het een verlossing vond. Achteraf ben ik blij dat het zo verlopen is. Het was een zachte aanpak, eerst CLB en dan VK. Dat was niet meteen in crisis gaan, maar heel stapsgewijs. Daar was wel vertrouwen, ook omdat ik weet dat ze altijd met mijn meter in contact stonden. Ik heb het mijn meter ook niet kwalijk genomen dat ze mijn school opgebeld heeft.

Hoe was de situatie voor jou thuis, met de problematiek van je mama?            
Ik heb nooit ruimte gehad of gemaakt om hier echt bij stil te staan, omdat ik altijd maar deed. Ik nam meteen een verantwoordelijke rol op, ik zorgde dat er eten klaarstond, dat de schooltas van mijn zus klaarstond. Door altijd in dat doen te zitten, heb ik daar heel weinig van gevoeld.

Je nam dus taken op die de meeste kinderen van die leeftijd niet opnemen.    
Klopt, het VK herhaalde ook vaak de boodschap ‘een zus zou dat niet moeten doen, voor een kleine zus of voor de ouders zorgen’. Ik maakte ook eten voor mama en voor mezelf. Ze zeiden me dit altijd, maar ik dacht ook ‘Wat is het alternatief als ik het niet doe?’ De school van mijn zus belde naar mij om te zeggen dat mijn mama niet was gekomen, of dat ze mijn zus niet aan haar wilden meegeven. Er was geen alternatief, en ik vond dit het beste. Als ik het overnam, kon iedereen gewoon verdergaan met zijn leven, ook ik. Ik wilde heel graag thuisblijven, naar school blijven gaan, bij mijn zus blijven. Ik deed alles om dat te kunnen houden.

Kan je wat meer vertellen over je traject op het VK zelf?        
Ik had een begeleidster, Tessa. Zij deed individuele gesprekken met mij. Elke week vroeg ze hoe mijn week was geweest en bekeken we dit dag per dag. Ik kon daar echt mijn ei kwijt, dat was heel fijn. Zij belastte me ook niet met wat er ondertussen met mijn ouders aan het gebeuren was binnen het VK. Ik hoorde van mijn ouders dat dit erg moeilijk was, maar ik hoorde dat helemaal niet van Tessa.                
Op een bepaalde moment is er dan toch besloten geweest om ons gezin aan te melden voor pleegzorg. Mijn zus en ik zijn toen geplaatst geweest in hetzelfde gezin. Dat was kort, zo’n twee maanden tijdens een opname van mama. In het begin had mijn familie nog een beurtrol om bij ons te komen slapen als mama in opname was. Bij een latere opname was dit niet meer houdbaar. Toen we terug naar huis gingen, liep het fout. Dan is mijn zus definitief bij mijn meter geplaatst. Ze woont daar nu al erg lang, en dat gaat gelukkig goed.

Hoe was die aanloop naar pleegzorg?           
Dat vond ik erg lastig, omdat de beslissingen heel plots genomen werden. Dit voelde voor mij zo abrupt, een grote contradictie met het begin. Toen ging dat heel geleidelijk en met vertrouwen, nu was het opeens crisis en van de ene dag op de andere een grote verandering. Van zodra we doorverwezen werden, ging het VK ook uit beeld. Die eerste plaatsing duurde niet zo lang, en ik heb me er nooit thuis gevoeld. Het voelde heel vreemd en onwennig.  Op later een weekend dat we bij mijn grootouders waren, belde de consulent dat er tegen maandag een oplossing gevonden moest worden voor mijn zus, anders zou ze naar een internaat moeten. Toen heeft mijn meter meteen gezegd dat zij dit wilde doen.

Hoe gaat het met je ouders nu?     
Met mijn mama nog hetzelfde, ze is elke dag dronken. Ze krijgt geen begeleiding meer. Ze is heel lang in begeleiding geweest bij een mobiel team, maar die zijn gestopt omdat het uitzichtloos was. Er was na jarenlange wekelijkse gesprekken geen verandering. Ze is heel vijandig naar iedere hulpverlening.        
Mijn vader is niet echt betrokken. Op hem is geen regelmaat te plakken. Als hij een paar maanden goed is, is het leuk. Dan belt hij wekelijks, en komt hij bijvoorbeeld dingen herstellen in mijn badkamer. Nu is hij weer totaal van de planeet, dan wilt hij mij ook niet spreken of zien. De band met mijn zusje is nog een stuk minder. Hij is weggegaan uit haar leven op twee jaar en dan heel wisselvallig aanwezig geweest.

Als je kijkt naar alle hulpverlening die je hebt meegemaakt van CLB tot nu, wat vond je de sterke punten hierin? Wat heeft je of jouw gezin geholpen?        
De ondersteuning van mijn familie sowieso. Ik kan me niet inbeelden hoe dit geweest zou zijn zonder mijn grootouders of mijn meter. Ik heb ook een tijdje bij mijn nicht gewoond als mijn zus bij mijn meter geplaatst en het thuis te erg werd voor mij. Een ander groot pluspunt is de kordaatheid: er wordt gebeld naar mijn school, ik heb dezelfde dag een gesprek. Zij beslissen na een of twee gesprekken dat het VK wordt ingeschakeld en ik kon daar meteen terecht. Dat was heel aaneensluitend. Ook al was dat soms hard ‘nu is het gedaan en worden ze geplaatst’, maar dat was ook continuïteit. Spijtig, maar het was wel zo. Ook het feit dat die begeleidster van het VK er echt voor mij was en me vertelde dat mijn situatie niet ok was, dat ik sterk was… Dat vond ik tof en dat heeft me geholpen. Het was fijn om daar elke woensdag naartoe te gaan. Dit bood ook structuur.

Wat in de hulpverlening voor jezelf of je omgeving had anders mogen lopen? Ontbrak er iets?  
De contacten met de politie waren altijd heel negatief. Het kwam er altijd op neer dat ze niets konden doen, omdat het in ons eigen huis gebeurde. Zoals recent bij mijn papa heb ik geprobeerd om een gedwongen opname te regelen, maar ze kunnen niets doen. Ze zijn niet daadkrachtig, ze komen enkel om te zeggen ‘wees kalm, maar voor de rest kunnen we niets doen.’             
Na het VK miste ik wel een persoon die blijft vragen hoe het met je gaat, zowel voor mezelf als voor mijn zus. Een echt inhoudelijk of therapeutisch stuk ontbrak voor mij. In de jeugddelinquentie krijgt elke jongere een gratis pro deo advocaat. In de pleegzorg voor iedere jongere gratis psychologische hulp, dat is mijn ideale scenario. Iemand die er echt voor jou is, die je ouders of jeugdrechter niet kent…            
Ik heb het moeilijk om data te onthouden, laat staan dat ik inhoudelijk nog weet waar ik met Tessa bij het VK over sprak. Het zou erg fijn zijn om daar zoveel jaar later naar terug te kunnen kijken. Dat mis ik ook wel, om op latere leeftijd makkelijk antwoorden te kunnen krijgen over wat er vroeger met je gebeurd is. Hier ben ik vragende partij voor, maar ik ben mijn dossier bij het VK nog niet kunnen gaan inkijken. Ik weet nog maar pas dat dit een mogelijkheid is, maar ik wil dit graag doen.

Welke boodschap zou je geven aan hulpverleners die werken met jongeren in dergelijke situaties?
Ook al is de situatie heel schrijnend of is het heel duidelijk voor de hulpverlener wat er moet gebeuren, probeer altijd te luisteren naar hoe dit voor de jongere zelf is. Motiveer tenminste heel goed waarom je bij een bepaalde beslissing blijft. De zaken waar de jongere het minste inspraak in heeft, maar die toch moeten gebeuren, dat zijn de pijnlijkste herinneringen. Het blijft pijnlijk als het goed gemotiveerd is, maar dan voelt het minder als een scheur.